Overige Sporten
Sporten A-Z
Hoge wandelschoenen voor dames zijn er in categorie A/B en B, elk afgestemd op een ander gebruik. Categorie A/B zijn halfhoge tot hoge allround wandelschoenen met een redelijk flexibele zool; geschikt voor heuvelachtig terrein zoals Zuid-Limburg en de Ardennen, meerdaagse wandelingen met lichte bepakking en bergpaden waarop de ondergrond wisselend maar niet technisch is. Categorie B zijn robuuste hoge wandelschoenen met een stevigere zool en uitgesproken enkelbescherming; de standaardkeuze voor bergwandelingen in de Alpen en Pyreneeën, huttentochten met rugzak en technisch oneffen terrein waar elke stap zorgvuldige plaatsing vraagt. Op beide terreinen geldt dat de damesspecifieke schachtconstructie voorkomt dat de rand op de achillespees drukt, wat bij herenschoenen en uniseksmodellen voor dames met een kleinere kuit een veelvoorkomend knelpunt is.
Drie situaties maken hoge wandelschoenen voor dames de betere keuze ten opzichte van lage modellen. Ten eerste het terrein: op losse stenen, steile afdalingen en natte bergpaden geeft de hogere schacht extra zekerheid bij zijdelingse belasting van de enkel; dames met van nature beweeglijkere enkels ervaren dat voordeel op technisch terrein direct. Ten tweede de bepakking: bij een rugzak van meer dan tien kilo neemt de belasting op voet en enkel bij elke stap toe; een stevigere hoge constructie verdeelt die kracht beter. Ten derde de tochtvorm: bij meerdaagse huttentochten waarbij dag na dag uren worden gelopen op wisselend bergterrein, geeft een hoge schoen cumulatief meer zekerheid dan een lage. Dames die voornamelijk in Nederland wandelen op gebaande paden zonder bepakking zijn doorgaans beter af met een lichtere lage wandelschoen.
Waar let je op bij het kiezen van hoge wandelschoenen voor dames?
Vier kenmerken zijn bepalend. Ten eerste de schachtrand: bij dames begint de kuit anatomisch lager dan bij heren; een hoge wandelschoen op damesleest heeft een lagere schachtrand waardoor de rand niet op de achillespees drukt. Controleer dit altijd bij het passen. Ten tweede de pasvorm: er moet minimaal een duimbreedte ruimte voor de tenen zijn bij rechtop staan; de hiel mag niet schuiven en er mogen geen drukpunten bij de enkel of wreef zijn. Ten derde het gewicht: damesmodellen zijn doorgaans 60 tot 100 gram lichter per paar dan herensmodellen door de compactere leest; kies het lichtste model dat nog voldoende stijfheid biedt voor het beoogde terrein. Ten vierde het materiaal: modellen van Hanwag zijn ook verkrijgbaar in leer voor dames met een brede voorvoet; modellen van Salomon en On Running zijn doorgaans lichter geconstrueerd van synthetisch materiaal, wat sneller droogt en minder inlooptijd vraagt.
Het belangrijkste verschil zit in de leest en de schachtconstructie. Een damesleest is smaller in hak en voorvoet, heeft minder ruimte bij de achillespees en is lager van schacht omdat de vrouwenkuit anatomisch lager begint. Een herenschoen in dezelfde maat geeft dames daardoor vaak te veel speelruimte bij de enkel, wat op technisch terrein minder stabiel aanvoelt. Damesmodellen zijn gemiddeld ook 60 tot 100 gram lichter per paar door de compactere constructie. Dames met een brede voet of grote schoenmaat merken soms dat een uniseks- of herensmodel beter aansluit; passen met de juiste wandelsokken is dan de meest betrouwbare manier om de pasvorm te beoordelen.