Wandelshirts zijn er in synthetische stoffen zoals polyester en in merinowol, elk met eigen voordelen voor onderweg. Synthetische shirts zijn licht van gewicht, betaalbaar en drogen snel na intensieve inspanning. Merinowol isoleert zowel bij warmte als kou en blijft langer geurvrij, wat het geschikt maakt voor meerdaagse trektochten. Katoen ontbreekt bewust in dit assortiment, omdat het vocht vasthoudt in plaats van afvoert. Merken als Dynafit en LOWA verwerken deze technische stoffen in hun wandelshirts voor optimale prestaties onderweg.
De keuze tussen korte en lange mouwen hangt vooral af van het seizoen en de intensiteit van de tocht. Op warme dagen zorgt een shirt met korte mouwen voor voldoende ventilatie tijdens de inspanning. Bij kouder weer werkt een lagensysteem met een shirt met lange mouwen als basislaag het best, aangevuld met een fleece of softshell. Tijdens klimpartijen en steile beklimmingen loopt de lichaamstemperatuur snel op, waardoor een ademend materiaal dan extra belangrijk wordt.
Een wandelshirt kiezen begint bij de pasvorm: het shirt moet aansluiten zonder te knellen en genoeg bewegingsvrijheid bieden bij het zwaaien van de armen. Let op de lengte van het shirt, zodat het niet omhoog kruipt tijdens het lopen met een rugzak. Elastische stof in de zij- en okselpartijen voorkomt schuren tijdens langere afstanden. Naast het shirt zelf speelt ook de rest van de outfit een rol, waarbij een geschikte wandelbroek bijdraagt aan het totale draagcomfort.
Een wandelshirt is door het ademende en sneldrogende materiaal ook geschikt voor hardlopen, fietsen en andere duursporten. De vochtregulerende eigenschappen werken bij elke inspanning waarbij transpiratie een rol speelt. Alleen bij zeer intensieve krachttraining kan een specifiek trainingsshirt met andere pasvorm prettiger zitten.
Een wandelshirt vormt de eerste laag direct op de huid en voert vocht af naar de volgende laag. Daarboven komt een isolerende laag, zoals een fleece, die de warmte vasthoudt zonder het ademend vermogen te blokkeren. Een buitenste laag beschermt vervolgens tegen wind en regen, zodat de onderliggende laag droog blijft.