Zwembandjes zijn er als opblaasbare armbanden met een of twee luchtkamers, en als varianten met drijfschuim die niet kunnen leeglopen. Opblaasbare uitvoeringen bieden verstelbaar drijfvermogen en zijn compact mee te nemen, terwijl schuimmodellen constant drijfvermogen behouden zonder ventiel. Er bestaan ook combinatievormen zoals een zwemvest met ingebouwde bandjes, geschikt voor kinderen die naast steun op de arm ook rompondersteuning nodig hebben. Voor de bovenarm van peuters gelden vaak dubbele luchtkamers als extra veiligheidsmarge, terwijl oudere kinderen genoeg hebben aan een enkele kamer. Merken als Arena en Speedo werken met huidvriendelijke materialen die irritatie tijdens langdurig dragen beperken.
Het gebruiksmoment bepaalt welk type zwemband het meest geschikt is: in een rustig zwembad volstaat vaak een lichte opblaasbare band, terwijl open water of golfslag om extra drijfvermogen vraagt. Bij de allereerste watergewenning kiezen ouders vaak voor een model met dubbele luchtkamer, dat meer stabiliteit geeft tijdens het wennen aan drijven. Zodra een kind zelfstandiger beweegt en op zwemles actief oefent met arm- en beenslag, is een enkele luchtkamer vaak voldoende om beweging niet te veel te beperken. Voor gebruik op vakantie, waar zwembadjes qua diepte kunnen variëren, is een verstelbare band met stevige sluiting aan te raden zodat de bandjes niet per ongeluk afzakken.
Het gewicht van het kind is de belangrijkste maatstaf bij het kiezen van de juiste maat, meer nog dan de leeftijdsaanduiding op de verpakking. Controleer daarnaast het maximale draagvermogen dat op het bandje vermeld staat en kies bij twijfel een maatje ruimer voor voldoende drijfvermogen. Het materiaal speelt ook een rol: een zachte binnenkant voorkomt schuren, terwijl stevige naden en terugslagventielen lekkage bij opblaasbare modellen tegengaan. Voor zwemaccessoires die je aanvult met zwembandjes gelden vergelijkbare aandachtspunten rond pasvorm en materiaalkwaliteit.
De meeste zwembandjes zijn geschikt vanaf ongeveer een jaar, zodra een kind stevig genoeg zit en actief in het water beweegt. Bij baby's die nog niet zelfstandig zitten, is een zwemzitje of babyfloat vaak een geschikter alternatief dan een armband. De uiteindelijke keuze hangt sterker af van het gewicht en de motorische ontwikkeling dan van de exacte leeftijd.
Zwembandjes zijn hulpmiddelen en geen vervanging voor toezicht, wat betekent dat een kind nooit zonder begeleiding van een volwassene in het water hoort te zijn. Verkeerd omgedaan, bijvoorbeeld te los of op de onderarm in plaats van de bovenarm, bieden ze onvoldoende steun. Regelmatige controle van de luchtdruk en sluiting tijdens het zwemmen houdt het drijfvermogen betrouwbaar.