Voor meisjes bestaan er zowel vingerhandschoenen als wanten, elk met een ander evenwicht tussen warmte en vingerbeweeglijkheid. Wanten houden de vingers dicht bij elkaar en zijn daardoor warmer, wat ze geschikt maakt voor jonge kinderen die nog niet fijn met skistokken hoeven te sturen. Vingerhandschoenen bieden meer grip en controle, wat handig is zodra techniek en balans belangrijker worden. Sommige modellen combineren beide met een omklapbare vingerkap, zodat warmte en beweeglijkheid afwisselend te gebruiken zijn.
Op de piste beschermt de handschoen tegen wind, kou en vocht tijdens het skiën, maar ook tijdens pauzes in de sneeuw blijft bescherming nodig. Bij het maken van sneeuwballen of het bouwen van een sneeuwpop komen handen sneller in contact met natte sneeuw dan tijdens het skiën zelf, wat een waterafstotende buitenlaag extra relevant maakt. Tijdens skilessen worden handschoenen regelmatig uit- en aangedaan, waardoor een handschoen die snel weer aan te trekken is de voorkeur heeft. Merken als Leki ontwikkelen modellen met een verstelbare sluiting die dit vereenvoudigt zonder aan pasvorm te verliezen.
De belangrijkste keuzecriteria zijn pasvorm, isolatie en materiaalkeuze, omdat kinderhanden gevoeliger zijn voor kou dan volwassen handen. Een membraan dat winddicht en waterafstotend is, houdt de handschoen droog tijdens langere sessies in de sneeuw. Een zachte binnenvoering, vaak van fleece of thermomateriaal, zorgt voor extra isolatie zonder dat de handschoen log aanvoelt. Deze basisprincipes gelden voor de volledige lijn skihandschoenen, maar bij meisjes komt er extra aandacht voor een nauwsluitende polsband die sneeuw buitenhoudt tijdens spelen en skiën.
Een skihandschoen moet nauw aansluiten zonder te knellen, zodat er nog een dunne binnenhandschoen onder past en de bloedcirculatie niet wordt belemmerd. Te veel ruimte binnen de handschoen vermindert de isolerende werking, omdat lucht sneller afkoelt dan een strak aansluitende voering. Bij een goede pasvorm kunnen de vingers nog vrij bewegen om skistokken vast te houden.
Natte handen ontstaan meestal doordat sneeuw via de mouw of polsopening naar binnen komt tijdens het vallen of spelen in de sneeuw. Een handschoen met een verlengde manchet die over de jasmouw valt, sluit dit gat af. Regelmatig wisselen tussen twee paar handschoenen tijdens een dag op de piste helpt om steeds droge, warme handen te houden.